Trage wegenOndek
Trage wegenOndek
Ontdek de namen en het verhaal erachter.
Deze wegen zijn ingediend
Zouwpad
Voetpad linkeroever Zuid-Willemsvaart
De naam verwijst naar de Zouw die in Rosmeer ontspringt en via Veldwezelt en Smeermaas ter hoogte van Maastricht, net over de grens, in de Zuid-Willemsvaart uitmondt.
Egelpad
Veldweg tussen Pannestraat en Bremstraat in Lanaken
Geen historische verwijzing. De grote tuinen en bosrand vormen een ideaal leefgebied voor egels. Een leuke naam voor dit pad.
Fluwijnpad
Dit pad sluit aan op het verharde deel van het Fluwijnpad in Neerharen. De naam blijft behouden.
Langkeukelbeekpad
Veldweg langs Langkeukelbeek in Hocht
Dit is het onverharde deel van de Keukelbeekstraat. De naam verwijst naar de Langkeukelbeek die iets verderop in de Zuid-Willemsvaart uitmondt.
Danjelveld
Voetpad tussen Houterstraat en Zilverdennenlaan in Gellik
Is bij de Gellikenaren - in de volksmond - gekend als ‘Op de Danjel of Danjelen’. Deze naam is ook in de Atlas der Buurtwegen opgenomen.
Smokkelpad
Voetpad rechteroever Zuid-Willemsvaart
Vroeger werd langs deze en andere grenswegen gesmokkeld. Veruit de meest roemruchte smokkel in onze streek was de smokkel van boter. Kort na de Tweede Wereldoorlog was het prijsverschil tussen Hollandse en Belgische boter zo groot dat het de moeite loonde de grens over te steken.
Processieweg
Dit is de weg waar vroeger de mensen van Gellik op bedevaart naar Zutendaal gingen. Naar jaarlijkse gewoonte is er op 15 augustus de Hoogmis van Maria in Zutendaal. Deze gemeente is reeds zeer lange tijd een bedevaartsoord
Tramstraatje
Voetpad tussen Heuvelstraat en Maastrichterweg in Lanaken
De buurtspoorlijn nr. 581bis Lanaken-Zutendaal-Waterschei van de toenmalige Nationale Maatschappij van Buurtspoorwegen (NMVB) werd in 1934 opgeheven. De stelplaats lag in Tournebride. Hier kwamen ook de buurtspoorlijnen nr. 485 Maaseik-Maastricht en nr. 479 Tongeren-Lanaken samen.
Het pad sluit nagenoeg op het vroegere tracé van de buurttram naar Waterschei aan (huidige N77). Vandaar het Tramstraatje.
Schaaienbospad
Veldweg tussen Gellikerweg en Albertkanaal in Gellik
Genaamd naar het toponiem Schayenbosch. Het bos lag zowel in Eigenbilzen als in Gellik, maar is grotendeels verdwenen door de aanleg van de spoorlijn Hasselt-Maastricht midden 19de eeuw en het Albertkanaal in de jaren ‘30 van vorige eeuw. Op de rechteroever van het Albertkanaal ligt nog een relict van dit waardevol loofbos.
Boskabouterpad
Voetpad tussen De Dries en Hoofreen in Gellik
Achter het bosje ‘De hoof’ lag een oud boerderijtje waar een schoenmaker woonde. Van daaruit liep een pad naar het gemeenteplein van Gellik en de rest van het dorp. Deze paadjes zijn sinds de jaren ‘80 van vorige eeuw verdwenen.
De laatste bewoner van het boerderijtje was een alleenstaande man, nl. Leopold (Polke) Massot. Het was een echte dorpsfiguur die de bijnaam Paulus de boskabouter kreeg.
Aan de Herbrichtkapel
Veldweg tegenover kapel in Herbricht
De naam verwijst naar de Heilig-Hartkapel, een veldkapel uit de tweede helft van de 19de eeuw.
Meer info
Werkhuizenpad
Voetpad tussen Walstraat en Leon Hermanslaan in Rekem
Napoleon verplichtte in 1808 alle departementen om een bedelaarsgesticht op te richten. Bedoeling was bedelaars onderdak en werk te geven. Men beschouwde hen als lastpakken en om ze in de maatschappij te integreren, maakte men gebruik van arbeid, discipline en godsdienst op één locatie. In Limburg viel de keuze op het kasteel van Rekem. De grafelijke familie d'Aspremont-Lynden had het domein al voorgoed verlaten.
Ook na de onafhankelijkheid van België in 1830 bleef het kasteel een bedelaarsgesticht tot het in 1921 een nieuwe bestemming kreeg: ‘krankzinnigengesticht’ of in de volksmond, het ‘gekkengesticht’. Her en der op het domein werden een tiental gebouwen opgetrokken, hetzij als verblijfhuis voor de patiënten, hetzij als werkhuis. Deze instelling bleef in Oud-Rekem aanwezig totdat zij eind jaren ‘70 van vorige eeuw naar de Daalbroekstraat verhuisde.
Meer info
Keverstraatje
In Oud Rekem
In Rafaël Verbois’ studie ‘Geschiedenis van Rekem en zijn keizerlijk graafschap’ zijn de namen van de meeste straten ten tijde van het graafschap opgenomen. Daarin vermeldt hij ook het Keverstraatje.
Verscheidene van die oude straatnamen zijn tijdens het graafschap wel eens van naam gewisseld of later. Zo heeft graaf Ferdinand in de 17de eeuw bijv. de Herenstraat Ferdinandstraat genoemd en zo werd de Schiefstraat veranderd in Ernestinestraat. Later kregen deze straten weer hun oorspronkelijke benaming. Het Keverstraatje behield haar naam.
Op het kadasterplan is dat verkeerdelijk - volgens een artikel van Mathieu Maesen daarover - ‘Vernederlandst’ tot ‘Kieverstraat. Volgens hetzelfde artikel is de naam Keverstraatje zo genoemd, omdat dit vroeger aan één kant voorzien was van een lange haag, waarin veel kevers huisden.
Hochterveld
Verlengde Oude Heirbaan in Hocht
Het van oudsher bebouwde akkerland wordt aangeduid door het toponiem Hochterveld.
Bovenwezet
Voetpad tussen Heirbaan en Petronellahof in Rekem
Rekem was in de middeleeuwen een vrije rijksheerlijkheid, die Rekem zelf en het gehucht Wezet (thans Daalwezet en Bovenwezet) omvatte.
De naam verwijst naar het gehucht Bovenwezet. Op die manier wordt het gehucht in de kijker gezet.
Romeinse villapad
Voetpad tussen Heirbaan en Veldstraat in Rekem
De naam verwijst naar de Gallo-Romeinse villa gelegen aan de grens van Neerharen en Rekem. Deze moet gebouwd zijn aan het einde van de eerste eeuw. Begin jaren ‘80 van de 20ste eeuw vonden bijkomende opgravingen plaats. De archeologen stelden vast dat er eerst een soort kuilwoning lag, en later een Romeinse stenen villa. En er zijn zelfs Romeinse ‘badkamers’ gevonden.
De villa in Neerharen/Rekem werd uiteindelijk uitgerust met drie badkuipen en een hypocaustum, een soort vloerverwarming. De warmte trok vanuit de stookoven naar een kruipkelder onder de vloer om zo uiteindelijk de hele villa te verwarmen.
Meer info
Puynpad
Veldweg tussen Pannestraat en Op de Puin in Lanaken
De Heer van Pietersheim had in het gebied tussen bovengenoemd Montaignehof en kasteel Kiewit (Gellik) de hoeve ‘Puijnderhof’ in bezit. Die verpachtte hij sedert begin 17de eeuw aan de Sint-Jorisschutterij tegen vergoeding in natura.
De schutterij moest jaarlijks een deel van de oogst leveren op de burcht in Pietersheim. De rest konden de schutters verkopen zodat ze een bepaald inkomen hadden voor de gilde.
Op de rug
Wandelpad naar 'Levensboom' in Herbricht
Dit is een verhoogde punt vlak bij de Maas. Het gaat mogelijk om een stroomrug. Een stroomrug is een in het landschap zichtbare voormalige rivierloop met oeverwallen, gekenmerkt door de relatief verhoogde ligging.
Op de rug aan de ingang van het natuurgebied, in feite een hoogwatervluchtplaats voor de runderen en paarden, prijkt nu de Levensboom (kunstwerk).
Vinkenpad
Voetpad tussen Fluwijnpad en Heirbaan in Neerharen
In de aanliggende wijk verwijzen alle straatnamen naar zangvogels. Deze doorsteek krijgt dan ook de toepasselijke naam ‘Vinkenpad’.
Scherpenbergpad
Veldweg tussen Gellikerweg en Berenbroekstraat in Gellik
Dit pad loopt naar de Scherpenberg, een heuvel gelegen tussen het Albertkanaal en De Hoefaert, in het gehucht Berenbroek te Eigenbilzen.
Wasserijstraatje
Voetpad tussen Broekstraat en Heuvelstraat in Lanaken
Het gedeelte tussen de Heuvelstraat en de Broekstraat werd in de volksmond ‘het Wasserijstraatje’ genoemd. Langsheen praktisch de helft van dat straatje, tot aan de Broekstraat, stond de klerenstomerij en -ververij van Edgard Dries: een foeilelijke houten constructie.
Galgenpad
Veldweg tussen Dikke Hagestraat en Heirbaan in Neerharen.
Deze weg liep van de Kasteelstraat naar de sluis van Neerharen. In de buurt van de sluis stond een galg. Hier werden misdadigers opgeknoopt.
De galg van Neerharen, een strafwerktuig, stond eertijds op het uiteinde van het straatje dat vanaf de Keelhoffstraat tegenover de sporthal, richting Dikke Hagestraat en de Kasteelstraat liep, ongeveer tot op de hoogte van de vroegere watertoren.
Bergergraef
Voetpad tussen Koning Albertlaan en Broekstraat in Lanaken
In de volksmond heet het gedeelte vanaf de Broekstraat naar de Drie Eikenstraat en de Koning Albertlaan de Bergergraef. Dit refereert naar de burchtgracht die er rond de voorloper van de burcht van Pietersheim moet gestaan hebben, ongeveer op de plek waar nu het politiekantoor en Linc Parc gevestigd zijn.
Het huis Bergergraef is opgetrokken door de familie De Caritat de Peruzzis, waarvan vader en nadien de zoon burgemeester van Lanaken zijn geweest. De woning is in 1914 met de grond gelijkgemaakt door de Duitsers die toen een strafexpeditie uitvoerden op Lanaken.