Trage wegenOndek
Trage wegenOndek
Ontdek de namen en het verhaal erachter.
Deze wegen zijn ingediend
de Burossepad
Veldweg tussen Bergstraat en Berkenlaan in Gellik
Baron de Burosse was de eerste Franse edelman in de familie Breuls. Hij had niet alleen adellijk bloed maar ook een edel hart. Hij overleed aan een slepende ziekte in 1902.
Zijn enige dochter Gislaine huwde op 21 maart 1912 met graaf Jean-Cyrille de la Faye de Guerre. Ze namen actief deel aan het dorpsleven in Gellik. Beiden brachten regelmatig een bezoek aan de dorpsschool en met Sinterklaas deelden ze heel wat geschenken uit. Ze waren de laatste weldoeners van Gellik.
Marterpad
Voetpad tussen Vossenpad en Beverpad in Neerharen
In de aanliggende wijk verwijzen alle straatnamen naar zoogdieren, vooral marterachtigen (bv. bunzing, hermelijn en das). Deze doorsteek krijgt dan ook de toepasselijke naam ‘Marterpad’.
Op de rug
Wandelpad naar 'Levensboom' in Herbricht
Dit is een verhoogde punt vlak bij de Maas. Het gaat mogelijk om een stroomrug. Een stroomrug is een in het landschap zichtbare voormalige rivierloop met oeverwallen, gekenmerkt door de relatief verhoogde ligging.
Op de rug aan de ingang van het natuurgebied, in feite een hoogwatervluchtplaats voor de runderen en paarden, prijkt nu de Levensboom (kunstwerk).
Van Akenweg
Fietspad tussen Industrieweg en Caberg (Zouwdal) in Lanaken
Tot 1794 behoorde het dorp (Oud-)Caberg tot de vrije rijksheerlijkheid Pietersheim. Na de komst van de Fransen werd het ingedeeld bij Lanaken. Bij de splitsing van Nederland en België in 1839 werd het dorp met Wolder en Nekum opgenomen in de Nederlandse gemeente Oud-Vroenhoven. Deze gemeente werd in 1920 door Maastricht geannexeerd.
De Van Akenweg maakt deel uit van een stervormig wegenpatroon dat de stad Maastricht van oudsher met zijn omgeving verbond. De weg kreeg zijn naam pas in 1923, na de annexatie, en is genoemd naar Maximiliaan van Aken (1799-1892). Hij woonde op de nog steeds bestaande witte boerderij naast de Heilig-Hart-van-Jezuskerk van Oud-Caberg.
Priestersweg
Verlengde Priestersweg in Rekem
Deze veldweg sluit aan op het verharde deel van de Priestersweg. De naam blijft behouden.
Aan het Bastion
Locatie ter hoogte van residentie Radeckheim in Oud Rekem (bij de Groenplaats)
Wallen, bastions en watergrachten maakten deel uit van de stadsomwalling van Oud-Rekem, aangelegd tussen 1630 en 1638. Rekem was in de 17de eeuw beschermd tegen vijandige invloeden door de aanleg van stadsmuren, grachten en bastions. Deze structuren zijn op diverse plaatsen nog zichtbaar.
In 1638 liet graaf Ferdinand grachten graven en de oude vervallen wallen terug opbouwen. Daardoor kwamen de vochtige gronden droog te liggen en werden deze geschikt voor het bouwen van huizen. Restanten van die nu begroeide bakstenen wallen en van een bastion (uitspringende hoektoren) zijn op het einde van de Schijfstraat zichtbaar. Die hoektoren diende ook als uitkijktoren. Behalve deze is er nog één ander bastion bewaard, nl. het Huis de Hoek (einde van de Engelenstraat).
Het pad langs de nieuwe gebouwen achter de Groenplaats, dat uitkomt op de Schijfstraat ligt aan het bastion. Nu kan men aan de binnenkant van het bastion de contouren van dit oude bouwwerk zien.
Meer info
Trapperspad
Nieuw wandelpad tussen Veldstraat en Colmonterveld in Rekem
Dit is de naam van chemin nr. 32 zoals aangeduid op de Atlas der Buurtwegen.
Keverstraatje
In Oud Rekem
In Rafaël Verbois’ studie ‘Geschiedenis van Rekem en zijn keizerlijk graafschap’ zijn de namen van de meeste straten ten tijde van het graafschap opgenomen. Daarin vermeldt hij ook het Keverstraatje.
Verscheidene van die oude straatnamen zijn tijdens het graafschap wel eens van naam gewisseld of later. Zo heeft graaf Ferdinand in de 17de eeuw bijv. de Herenstraat Ferdinandstraat genoemd en zo werd de Schiefstraat veranderd in Ernestinestraat. Later kregen deze straten weer hun oorspronkelijke benaming. Het Keverstraatje behield haar naam.
Op het kadasterplan is dat verkeerdelijk - volgens een artikel van Mathieu Maesen daarover - ‘Vernederlandst’ tot ‘Kieverstraat. Volgens hetzelfde artikel is de naam Keverstraatje zo genoemd, omdat dit vroeger aan één kant voorzien was van een lange haag, waarin veel kevers huisden.
Stenenbrugstraat
Verlengde Stenenbrugstraat in Rekem
Deze veldweg sluit aan op het verharde deel van de Stenenbrugstraat. De naam blijft behouden.
Uilenspiegelpad
Wandel- en fietspad Uilenspiegelpark in Lanaken
Het pad loopt doorheen het Uilenspiegelpark dat in 2018 werd aangelegd
Molenpad
Wandelpad tussen Dorpsstraat en De Hoefaert in Gellik
Dit pad liep naar de Kriekaertmolen of Kriekemolen. Het was een watergraanmolen aan de Munsterbeek of Molenbeek. De molen was ongeveer gesitueerd waar nu de boerderij van de familie Valkenborg ligt, aan de Kanaaldijkstraat. De watermolen staat nog aangeduid op de Atlas der Buurtwegen (1843-1845).
De Kriekaertmolen werd in de jaren ‘30 van vorige eeuw onteigend door de Belgische Staat om in 1931 gesloopt te worden voor de aanleg van het Albertkanaal.
Meer info
Werkhuizenpad
Voetpad tussen Walstraat en Leon Hermanslaan in Rekem
Napoleon verplichtte in 1808 alle departementen om een bedelaarsgesticht op te richten. Bedoeling was bedelaars onderdak en werk te geven. Men beschouwde hen als lastpakken en om ze in de maatschappij te integreren, maakte men gebruik van arbeid, discipline en godsdienst op één locatie. In Limburg viel de keuze op het kasteel van Rekem. De grafelijke familie d'Aspremont-Lynden had het domein al voorgoed verlaten.
Ook na de onafhankelijkheid van België in 1830 bleef het kasteel een bedelaarsgesticht tot het in 1921 een nieuwe bestemming kreeg: ‘krankzinnigengesticht’ of in de volksmond, het ‘gekkengesticht’. Her en der op het domein werden een tiental gebouwen opgetrokken, hetzij als verblijfhuis voor de patiënten, hetzij als werkhuis. Deze instelling bleef in Oud-Rekem aanwezig totdat zij eind jaren ‘70 van vorige eeuw naar de Daalbroekstraat verhuisde.
Meer info
Galgenpad
Veldweg tussen Dikke Hagestraat en Heirbaan in Neerharen.
Deze weg liep van de Kasteelstraat naar de sluis van Neerharen. In de buurt van de sluis stond een galg. Hier werden misdadigers opgeknoopt.
De galg van Neerharen, een strafwerktuig, stond eertijds op het uiteinde van het straatje dat vanaf de Keelhoffstraat tegenover de sporthal, richting Dikke Hagestraat en de Kasteelstraat liep, ongeveer tot op de hoogte van de vroegere watertoren.
Ganzenpad
Voetpad tussen Drie Eikenstraat en Ganzepoel in Lanaken
De naam verwijst naar de aanliggende straatnaam ‘Ganzenpoel’.
Berkskenweg
Veldweg tussen De Hoefaert en Driebunders in Gellik
Is bij de Gellikenaren - in de volksmond - gekend als ‘Op de Berksken’. Deze naam is ook op de Atlas der Buurtwegen aangeduid.
Fluwijnpad
Dit pad sluit aan op het verharde deel van het Fluwijnpad in Neerharen. De naam blijft behouden.
Abdissenpad - Hocht
Wandelpad naar het kasteel van Hocht
Dit deels ontoegankelijk pad is in feite het tracé van de (Oude) Heirbaan en loopt nu richting het kasteel van Hocht. In Smeermaas is al een straat naar de Oude Heirbaan vernoemd. Aan het hoofd van de voormalige cisterciënzerabdij van Hocht, eind 12e eeuw gesticht door de heren van Pietersheim, stond een abdis.
Meer info
Zouwpad
Voetpad linkeroever Zuid-Willemsvaart
De naam verwijst naar de Zouw die in Rosmeer ontspringt en via Veldwezelt en Smeermaas ter hoogte van Maastricht, net over de grens, in de Zuid-Willemsvaart uitmondt.
Herbrichtsveld
Veldweg naar Uikhoven in Herbricht
Het van oudsher bebouwde akkerland wordt aangeduid door het toponiem Herbrichtersveld.
Rekemerpad
Fietspad langs kapel richting Rekem en Uikhoven in Herbricht
Dit is de naam van chemin nr. 13 zoals aangeduid op de Atlas der Buurtwegen.
Gust Baptistpad
Voetpad tussen Sint-Augustinusstraat en Sint-Laurentiusstraat in Gellik
Gust Baptist was eind 19de en begin 20ste eeuw pastoor in Gellik. Hij liet de pastorij renoveren en vroeg huishuur voor de pastoorswoning aan de gemeente. In 1903 suggereerde hij om een nieuwe kerk te bouwen en na enkele twisten met de gemeente stelde hij voor 50.000 fr. eigen middelen ter beschikking. In die periode bouwde hij ook het klooster (nu Academie voor Muziek en Theater) naast het gemeente-huis op de Kerkstraat. In 1913 ging hij door ziekte op rust.
Puynpad
Veldweg tussen Pannestraat en Op de Puin in Lanaken
De Heer van Pietersheim had in het gebied tussen bovengenoemd Montaignehof en kasteel Kiewit (Gellik) de hoeve ‘Puijnderhof’ in bezit. Die verpachtte hij sedert begin 17de eeuw aan de Sint-Jorisschutterij tegen vergoeding in natura.
De schutterij moest jaarlijks een deel van de oogst leveren op de burcht in Pietersheim. De rest konden de schutters verkopen zodat ze een bepaald inkomen hadden voor de gilde.