Trage wegenOndek
Trage wegenOndek
Ontdek de namen en het verhaal erachter.
Deze wegen zijn ingediend
Werkhuizenpad
Voetpad tussen Walstraat en Leon Hermanslaan in Rekem
Napoleon verplichtte in 1808 alle departementen om een bedelaarsgesticht op te richten. Bedoeling was bedelaars onderdak en werk te geven. Men beschouwde hen als lastpakken en om ze in de maatschappij te integreren, maakte men gebruik van arbeid, discipline en godsdienst op één locatie. In Limburg viel de keuze op het kasteel van Rekem. De grafelijke familie d'Aspremont-Lynden had het domein al voorgoed verlaten.
Ook na de onafhankelijkheid van België in 1830 bleef het kasteel een bedelaarsgesticht tot het in 1921 een nieuwe bestemming kreeg: ‘krankzinnigengesticht’ of in de volksmond, het ‘gekkengesticht’. Her en der op het domein werden een tiental gebouwen opgetrokken, hetzij als verblijfhuis voor de patiënten, hetzij als werkhuis. Deze instelling bleef in Oud-Rekem aanwezig totdat zij eind jaren ‘70 van vorige eeuw naar de Daalbroekstraat verhuisde.
Meer info
Romeinse villapad
Voetpad tussen Heirbaan en Veldstraat in Rekem
De naam verwijst naar de Gallo-Romeinse villa gelegen aan de grens van Neerharen en Rekem. Deze moet gebouwd zijn aan het einde van de eerste eeuw. Begin jaren ‘80 van de 20ste eeuw vonden bijkomende opgravingen plaats. De archeologen stelden vast dat er eerst een soort kuilwoning lag, en later een Romeinse stenen villa. En er zijn zelfs Romeinse ‘badkamers’ gevonden.
De villa in Neerharen/Rekem werd uiteindelijk uitgerust met drie badkuipen en een hypocaustum, een soort vloerverwarming. De warmte trok vanuit de stookoven naar een kruipkelder onder de vloer om zo uiteindelijk de hele villa te verwarmen.
Meer info
Priestersweg
Verlengde Priestersweg in Rekem
Deze veldweg sluit aan op het verharde deel van de Priestersweg. De naam blijft behouden.
Processieweg
Dit is de weg waar vroeger de mensen van Gellik op bedevaart naar Zutendaal gingen. Naar jaarlijkse gewoonte is er op 15 augustus de Hoogmis van Maria in Zutendaal. Deze gemeente is reeds zeer lange tijd een bedevaartsoord
Voulwamespad
In Herbricht
De naam verwijst naar het buurtschap Voulwames (Meerssen), aan de rechteroever van de Maas. Hier mondt de Geul in de Maas uit.
Gust Baptistpad
Voetpad tussen Sint-Augustinusstraat en Sint-Laurentiusstraat in Gellik
Gust Baptist was eind 19de en begin 20ste eeuw pastoor in Gellik. Hij liet de pastorij renoveren en vroeg huishuur voor de pastoorswoning aan de gemeente. In 1903 suggereerde hij om een nieuwe kerk te bouwen en na enkele twisten met de gemeente stelde hij voor 50.000 fr. eigen middelen ter beschikking. In die periode bouwde hij ook het klooster (nu Academie voor Muziek en Theater) naast het gemeente-huis op de Kerkstraat. In 1913 ging hij door ziekte op rust.
Egelpad
Veldweg tussen Pannestraat en Bremstraat in Lanaken
Geen historische verwijzing. De grote tuinen en bosrand vormen een ideaal leefgebied voor egels. Een leuke naam voor dit pad.
Haegpad
Voetpad tussen OC Jeugdpark en Speelterrein De Haeg in Smeermaas
De naam verwijst naar de ‘nieuwe’ wijk in Smeermaas: Haegendoornwijk. Het pad verbindt de wijk met het ontmoetingscentrum en de sportvelden.
Aan 't Hooreveldje
Voetpad langs het recyclagepark in Smeermaas
Deze naam verwijst naar het oude landbouwgebied tussen Smeermaas en Maastricht (Lanakerveld). Dit toponiem is ook op de Atlas der Buurtwegen terug te vinden.
Langkeukelbeekpad
Veldweg langs Langkeukelbeek in Hocht
Dit is het onverharde deel van de Keukelbeekstraat. De naam verwijst naar de Langkeukelbeek die iets verderop in de Zuid-Willemsvaart uitmondt.
Schaaienbospad
Veldweg tussen Gellikerweg en Albertkanaal in Gellik
Genaamd naar het toponiem Schayenbosch. Het bos lag zowel in Eigenbilzen als in Gellik, maar is grotendeels verdwenen door de aanleg van de spoorlijn Hasselt-Maastricht midden 19de eeuw en het Albertkanaal in de jaren ‘30 van vorige eeuw. Op de rechteroever van het Albertkanaal ligt nog een relict van dit waardevol loofbos.
Hochterveld
Verlengde Oude Heirbaan in Hocht
Het van oudsher bebouwde akkerland wordt aangeduid door het toponiem Hochterveld.
Van Akenweg
Fietspad tussen Industrieweg en Caberg (Zouwdal) in Lanaken
Tot 1794 behoorde het dorp (Oud-)Caberg tot de vrije rijksheerlijkheid Pietersheim. Na de komst van de Fransen werd het ingedeeld bij Lanaken. Bij de splitsing van Nederland en België in 1839 werd het dorp met Wolder en Nekum opgenomen in de Nederlandse gemeente Oud-Vroenhoven. Deze gemeente werd in 1920 door Maastricht geannexeerd.
De Van Akenweg maakt deel uit van een stervormig wegenpatroon dat de stad Maastricht van oudsher met zijn omgeving verbond. De weg kreeg zijn naam pas in 1923, na de annexatie, en is genoemd naar Maximiliaan van Aken (1799-1892). Hij woonde op de nog steeds bestaande witte boerderij naast de Heilig-Hart-van-Jezuskerk van Oud-Caberg.
Berkskenweg
Veldweg tussen De Hoefaert en Driebunders in Gellik
Is bij de Gellikenaren - in de volksmond - gekend als ‘Op de Berksken’. Deze naam is ook op de Atlas der Buurtwegen aangeduid.
Montaignepad
Wandel- en fietspad Montaignehof in Lanaken
In 1921 werd de congregatie van het Heilig Hart eigenaar van het kasteel, het park en de omliggende weilanden. Het boerderijcomplex ‘Montaignehof’ werd toen niet aangekocht en later afgebroken.
Het Montaignehof is door de eeuwen heen altijd bewoond geweest door families van hoge adel. Het heeft dan ook diverse namen gekend, nl. Nootstockhof, Marottenhof en tenslotte Montaignehof. Aan de woning was een grote vierkantshoeve in Brabantse stijl verbonden.
De laatste pachter van de boerderij was de familie Kallen uit Panheel, in die tijd beroemde paarden- en stierenkwekers.
Kloosterbospad
Voetpad tussen Bergstraat en Kloosterstraat in Gellik
De naam verwijst naar de voormalige bossen van het Sint-Augustinusgesticht te Gellik (Biesweg). De bossen werden door de gemeente Gellik aangekocht die sinds de fusie van 1977 eigendom zijn van de gemeente Lanaken.
Op de rug
Wandelpad naar 'Levensboom' in Herbricht
Dit is een verhoogde punt vlak bij de Maas. Het gaat mogelijk om een stroomrug. Een stroomrug is een in het landschap zichtbare voormalige rivierloop met oeverwallen, gekenmerkt door de relatief verhoogde ligging.
Op de rug aan de ingang van het natuurgebied, in feite een hoogwatervluchtplaats voor de runderen en paarden, prijkt nu de Levensboom (kunstwerk).
Smokkelpad
Voetpad rechteroever Zuid-Willemsvaart
Vroeger werd langs deze en andere grenswegen gesmokkeld. Veruit de meest roemruchte smokkel in onze streek was de smokkel van boter. Kort na de Tweede Wereldoorlog was het prijsverschil tussen Hollandse en Belgische boter zo groot dat het de moeite loonde de grens over te steken.
Stenenbrugstraat
Verlengde Stenenbrugstraat in Rekem
Deze veldweg sluit aan op het verharde deel van de Stenenbrugstraat. De naam blijft behouden.
Fanfarestraatje
Voetpad tussen Schoolstraat en Norbertinessenhof in Rekem
De Koninklijke Fanfare Sint-Cecilia bestaat 175 jaar en is daarmee een van de oudste muziekgezel-schappen van de provincie. Dit 175-jarig jubileum is uniek, aangezien de meeste muziekmaatschappijen pas ontstonden na de Eerste Wereldoorlog.
Ganzenpad
Voetpad tussen Drie Eikenstraat en Ganzepoel in Lanaken
De naam verwijst naar de aanliggende straatnaam ‘Ganzenpoel’.
Galgenpad
Veldweg tussen Dikke Hagestraat en Heirbaan in Neerharen.
Deze weg liep van de Kasteelstraat naar de sluis van Neerharen. In de buurt van de sluis stond een galg. Hier werden misdadigers opgeknoopt.
De galg van Neerharen, een strafwerktuig, stond eertijds op het uiteinde van het straatje dat vanaf de Keelhoffstraat tegenover de sporthal, richting Dikke Hagestraat en de Kasteelstraat liep, ongeveer tot op de hoogte van de vroegere watertoren.