Trage wegenOndek
Trage wegenOndek
Ontdek de namen en het verhaal erachter.
Deze wegen zijn ingediend
Aan het Bastion
Locatie ter hoogte van residentie Radeckheim in Oud Rekem (bij de Groenplaats)
Wallen, bastions en watergrachten maakten deel uit van de stadsomwalling van Oud-Rekem, aangelegd tussen 1630 en 1638. Rekem was in de 17de eeuw beschermd tegen vijandige invloeden door de aanleg van stadsmuren, grachten en bastions. Deze structuren zijn op diverse plaatsen nog zichtbaar.
In 1638 liet graaf Ferdinand grachten graven en de oude vervallen wallen terug opbouwen. Daardoor kwamen de vochtige gronden droog te liggen en werden deze geschikt voor het bouwen van huizen. Restanten van die nu begroeide bakstenen wallen en van een bastion (uitspringende hoektoren) zijn op het einde van de Schijfstraat zichtbaar. Die hoektoren diende ook als uitkijktoren. Behalve deze is er nog één ander bastion bewaard, nl. het Huis de Hoek (einde van de Engelenstraat).
Het pad langs de nieuwe gebouwen achter de Groenplaats, dat uitkomt op de Schijfstraat ligt aan het bastion. Nu kan men aan de binnenkant van het bastion de contouren van dit oude bouwwerk zien.
Meer info
Romeinse villapad
Voetpad tussen Heirbaan en Veldstraat in Rekem
De naam verwijst naar de Gallo-Romeinse villa gelegen aan de grens van Neerharen en Rekem. Deze moet gebouwd zijn aan het einde van de eerste eeuw. Begin jaren ‘80 van de 20ste eeuw vonden bijkomende opgravingen plaats. De archeologen stelden vast dat er eerst een soort kuilwoning lag, en later een Romeinse stenen villa. En er zijn zelfs Romeinse ‘badkamers’ gevonden.
De villa in Neerharen/Rekem werd uiteindelijk uitgerust met drie badkuipen en een hypocaustum, een soort vloerverwarming. De warmte trok vanuit de stookoven naar een kruipkelder onder de vloer om zo uiteindelijk de hele villa te verwarmen.
Meer info
Bergergraef
Voetpad tussen Koning Albertlaan en Broekstraat in Lanaken
In de volksmond heet het gedeelte vanaf de Broekstraat naar de Drie Eikenstraat en de Koning Albertlaan de Bergergraef. Dit refereert naar de burchtgracht die er rond de voorloper van de burcht van Pietersheim moet gestaan hebben, ongeveer op de plek waar nu het politiekantoor en Linc Parc gevestigd zijn.
Het huis Bergergraef is opgetrokken door de familie De Caritat de Peruzzis, waarvan vader en nadien de zoon burgemeester van Lanaken zijn geweest. De woning is in 1914 met de grond gelijkgemaakt door de Duitsers die toen een strafexpeditie uitvoerden op Lanaken.
Op de rug
Wandelpad naar 'Levensboom' in Herbricht
Dit is een verhoogde punt vlak bij de Maas. Het gaat mogelijk om een stroomrug. Een stroomrug is een in het landschap zichtbare voormalige rivierloop met oeverwallen, gekenmerkt door de relatief verhoogde ligging.
Op de rug aan de ingang van het natuurgebied, in feite een hoogwatervluchtplaats voor de runderen en paarden, prijkt nu de Levensboom (kunstwerk).
Tramstraatje
Voetpad tussen Heuvelstraat en Maastrichterweg in Lanaken
De buurtspoorlijn nr. 581bis Lanaken-Zutendaal-Waterschei van de toenmalige Nationale Maatschappij van Buurtspoorwegen (NMVB) werd in 1934 opgeheven. De stelplaats lag in Tournebride. Hier kwamen ook de buurtspoorlijnen nr. 485 Maaseik-Maastricht en nr. 479 Tongeren-Lanaken samen.
Het pad sluit nagenoeg op het vroegere tracé van de buurttram naar Waterschei aan (huidige N77). Vandaar het Tramstraatje.
Boskabouterpad
Voetpad tussen De Dries en Hoofreen in Gellik
Achter het bosje ‘De hoof’ lag een oud boerderijtje waar een schoenmaker woonde. Van daaruit liep een pad naar het gemeenteplein van Gellik en de rest van het dorp. Deze paadjes zijn sinds de jaren ‘80 van vorige eeuw verdwenen.
De laatste bewoner van het boerderijtje was een alleenstaande man, nl. Leopold (Polke) Massot. Het was een echte dorpsfiguur die de bijnaam Paulus de boskabouter kreeg.
Keverstraatje
In Oud Rekem
In Rafaël Verbois’ studie ‘Geschiedenis van Rekem en zijn keizerlijk graafschap’ zijn de namen van de meeste straten ten tijde van het graafschap opgenomen. Daarin vermeldt hij ook het Keverstraatje.
Verscheidene van die oude straatnamen zijn tijdens het graafschap wel eens van naam gewisseld of later. Zo heeft graaf Ferdinand in de 17de eeuw bijv. de Herenstraat Ferdinandstraat genoemd en zo werd de Schiefstraat veranderd in Ernestinestraat. Later kregen deze straten weer hun oorspronkelijke benaming. Het Keverstraatje behield haar naam.
Op het kadasterplan is dat verkeerdelijk - volgens een artikel van Mathieu Maesen daarover - ‘Vernederlandst’ tot ‘Kieverstraat. Volgens hetzelfde artikel is de naam Keverstraatje zo genoemd, omdat dit vroeger aan één kant voorzien was van een lange haag, waarin veel kevers huisden.
Danjelveld
Voetpad tussen Houterstraat en Zilverdennenlaan in Gellik
Is bij de Gellikenaren - in de volksmond - gekend als ‘Op de Danjel of Danjelen’. Deze naam is ook in de Atlas der Buurtwegen opgenomen.
Uyckhovenpad
Verlengde Herbrichtweg in Herbricht
Deze veldweg verbindt Herbricht met Uikhoven. De werkgroep koos voor de oude plaatsnaam van het Maaslandse dorp.
Berkskenweg
Veldweg tussen De Hoefaert en Driebunders in Gellik
Is bij de Gellikenaren - in de volksmond - gekend als ‘Op de Berksken’. Deze naam is ook op de Atlas der Buurtwegen aangeduid.
Egelpad
Veldweg tussen Pannestraat en Bremstraat in Lanaken
Geen historische verwijzing. De grote tuinen en bosrand vormen een ideaal leefgebied voor egels. Een leuke naam voor dit pad.
Processieweg
Dit is de weg waar vroeger de mensen van Gellik op bedevaart naar Zutendaal gingen. Naar jaarlijkse gewoonte is er op 15 augustus de Hoogmis van Maria in Zutendaal. Deze gemeente is reeds zeer lange tijd een bedevaartsoord
Herbrichtsveld
Veldweg naar Uikhoven in Herbricht
Het van oudsher bebouwde akkerland wordt aangeduid door het toponiem Herbrichtersveld.
Broeckhofpad
Voetpad tussen Dorpsstraat en Kerkstraat in Gellik
De naam verwijst naar een belangrijk Loons leen uit de Late Middeleeuwen, nl. het Broeckhof of Broederhof met laathof. Een laathof (ook cijnshof genoemd) was een hof van een lagere heerlijkheid georganiseerd volgens het hofstelsel en met eigen rechtbank. Een laathof was tevens de benaming voor deze boerderij: een hof of hoeve van een laat.
Vinkenpad
Voetpad tussen Fluwijnpad en Heirbaan in Neerharen
In de aanliggende wijk verwijzen alle straatnamen naar zangvogels. Deze doorsteek krijgt dan ook de toepasselijke naam ‘Vinkenpad’.
Apollopad
Verlengde Driebunders in Gellik
Het pad verwijst naar de toenmalige voetbalclub van Gellik (FC Apollo 74 Gellik). De club was aangesloten bij de Koninklijke Belgische Voetbalbond (KBVB) met stamnummer 8416. In maart 2015 echter werd bekendgemaakt dat de club zou ophouden te bestaan op het einde van dat seizoen bij gebrek aan voldoende vrijwilligers.
Ganzenpad
Voetpad tussen Drie Eikenstraat en Ganzepoel in Lanaken
De naam verwijst naar de aanliggende straatnaam ‘Ganzenpoel’.
Zouwpad
Voetpad linkeroever Zuid-Willemsvaart
De naam verwijst naar de Zouw die in Rosmeer ontspringt en via Veldwezelt en Smeermaas ter hoogte van Maastricht, net over de grens, in de Zuid-Willemsvaart uitmondt.
Aan 't Hooreveldje
Voetpad langs het recyclagepark in Smeermaas
Deze naam verwijst naar het oude landbouwgebied tussen Smeermaas en Maastricht (Lanakerveld). Dit toponiem is ook op de Atlas der Buurtwegen terug te vinden.
Voulwamespad
In Herbricht
De naam verwijst naar het buurtschap Voulwames (Meerssen), aan de rechteroever van de Maas. Hier mondt de Geul in de Maas uit.
Van Akenweg
Fietspad tussen Industrieweg en Caberg (Zouwdal) in Lanaken
Tot 1794 behoorde het dorp (Oud-)Caberg tot de vrije rijksheerlijkheid Pietersheim. Na de komst van de Fransen werd het ingedeeld bij Lanaken. Bij de splitsing van Nederland en België in 1839 werd het dorp met Wolder en Nekum opgenomen in de Nederlandse gemeente Oud-Vroenhoven. Deze gemeente werd in 1920 door Maastricht geannexeerd.
De Van Akenweg maakt deel uit van een stervormig wegenpatroon dat de stad Maastricht van oudsher met zijn omgeving verbond. De weg kreeg zijn naam pas in 1923, na de annexatie, en is genoemd naar Maximiliaan van Aken (1799-1892). Hij woonde op de nog steeds bestaande witte boerderij naast de Heilig-Hart-van-Jezuskerk van Oud-Caberg.
Werkhuizenpad
Voetpad tussen Walstraat en Leon Hermanslaan in Rekem
Napoleon verplichtte in 1808 alle departementen om een bedelaarsgesticht op te richten. Bedoeling was bedelaars onderdak en werk te geven. Men beschouwde hen als lastpakken en om ze in de maatschappij te integreren, maakte men gebruik van arbeid, discipline en godsdienst op één locatie. In Limburg viel de keuze op het kasteel van Rekem. De grafelijke familie d'Aspremont-Lynden had het domein al voorgoed verlaten.
Ook na de onafhankelijkheid van België in 1830 bleef het kasteel een bedelaarsgesticht tot het in 1921 een nieuwe bestemming kreeg: ‘krankzinnigengesticht’ of in de volksmond, het ‘gekkengesticht’. Her en der op het domein werden een tiental gebouwen opgetrokken, hetzij als verblijfhuis voor de patiënten, hetzij als werkhuis. Deze instelling bleef in Oud-Rekem aanwezig totdat zij eind jaren ‘70 van vorige eeuw naar de Daalbroekstraat verhuisde.
Meer info