Zoek je een trage weg?
Klik op het icoontje op de kaart, kies de weg uit de lijst of zoek via de zoekfunctie.
Kies een locatie op de kaart.
Alle trage wegen
Puynpad
Veldweg tussen Pannestraat en Op de Puin in Lanaken
De Heer van Pietersheim had in het gebied tussen bovengenoemd Montaignehof en kasteel Kiewit (Gellik) de hoeve ‘Puijnderhof’ in bezit. Die verpachtte hij sedert begin 17de eeuw aan de Sint-Jorisschutterij tegen vergoeding in natura.
De schutterij moest jaarlijks een deel van de oogst leveren op de burcht in Pietersheim. De rest konden de schutters verkopen zodat ze een bepaald inkomen hadden voor de gilde.
Vinkenpad
Voetpad tussen Fluwijnpad en Heirbaan in Neerharen
In de aanliggende wijk verwijzen alle straatnamen naar zangvogels. Deze doorsteek krijgt dan ook de toepasselijke naam ‘Vinkenpad’.
Scherpenbergpad
Veldweg tussen Gellikerweg en Berenbroekstraat in Gellik
Dit pad loopt naar de Scherpenberg, een heuvel gelegen tussen het Albertkanaal en De Hoefaert, in het gehucht Berenbroek te Eigenbilzen.
Schaaienbospad
Veldweg tussen Gellikerweg en Albertkanaal in Gellik
Genaamd naar het toponiem Schayenbosch. Het bos lag zowel in Eigenbilzen als in Gellik, maar is grotendeels verdwenen door de aanleg van de spoorlijn Hasselt-Maastricht midden 19de eeuw en het Albertkanaal in de jaren ‘30 van vorige eeuw. Op de rechteroever van het Albertkanaal ligt nog een relict van dit waardevol loofbos.
Van Akenweg
Fietspad tussen Industrieweg en Caberg (Zouwdal) in Lanaken
Tot 1794 behoorde het dorp (Oud-)Caberg tot de vrije rijksheerlijkheid Pietersheim. Na de komst van de Fransen werd het ingedeeld bij Lanaken. Bij de splitsing van Nederland en België in 1839 werd het dorp met Wolder en Nekum opgenomen in de Nederlandse gemeente Oud-Vroenhoven. Deze gemeente werd in 1920 door Maastricht geannexeerd.
De Van Akenweg maakt deel uit van een stervormig wegenpatroon dat de stad Maastricht van oudsher met zijn omgeving verbond. De weg kreeg zijn naam pas in 1923, na de annexatie, en is genoemd naar Maximiliaan van Aken (1799-1892). Hij woonde op de nog steeds bestaande witte boerderij naast de Heilig-Hart-van-Jezuskerk van Oud-Caberg.