Zoek je een trage weg?
Klik op het icoontje op de kaart, kies de weg uit de lijst of zoek via de zoekfunctie.
Kies een locatie op de kaart.
Alle trage wegen
Van Akenweg
Fietspad tussen Industrieweg en Caberg (Zouwdal) in Lanaken
Tot 1794 behoorde het dorp (Oud-)Caberg tot de vrije rijksheerlijkheid Pietersheim. Na de komst van de Fransen werd het ingedeeld bij Lanaken. Bij de splitsing van Nederland en België in 1839 werd het dorp met Wolder en Nekum opgenomen in de Nederlandse gemeente Oud-Vroenhoven. Deze gemeente werd in 1920 door Maastricht geannexeerd.
De Van Akenweg maakt deel uit van een stervormig wegenpatroon dat de stad Maastricht van oudsher met zijn omgeving verbond. De weg kreeg zijn naam pas in 1923, na de annexatie, en is genoemd naar Maximiliaan van Aken (1799-1892). Hij woonde op de nog steeds bestaande witte boerderij naast de Heilig-Hart-van-Jezuskerk van Oud-Caberg.
Langkeukelbeekpad
Veldweg langs Langkeukelbeek in Hocht
Dit is het onverharde deel van de Keukelbeekstraat. De naam verwijst naar de Langkeukelbeek die iets verderop in de Zuid-Willemsvaart uitmondt.
de Burossepad
Veldweg tussen Bergstraat en Berkenlaan in Gellik
Baron de Burosse was de eerste Franse edelman in de familie Breuls. Hij had niet alleen adellijk bloed maar ook een edel hart. Hij overleed aan een slepende ziekte in 1902.
Zijn enige dochter Gislaine huwde op 21 maart 1912 met graaf Jean-Cyrille de la Faye de Guerre. Ze namen actief deel aan het dorpsleven in Gellik. Beiden brachten regelmatig een bezoek aan de dorpsschool en met Sinterklaas deelden ze heel wat geschenken uit. Ze waren de laatste weldoeners van Gellik.
Gust Baptistpad
Voetpad tussen Sint-Augustinusstraat en Sint-Laurentiusstraat in Gellik
Gust Baptist was eind 19de en begin 20ste eeuw pastoor in Gellik. Hij liet de pastorij renoveren en vroeg huishuur voor de pastoorswoning aan de gemeente. In 1903 suggereerde hij om een nieuwe kerk te bouwen en na enkele twisten met de gemeente stelde hij voor 50.000 fr. eigen middelen ter beschikking. In die periode bouwde hij ook het klooster (nu Academie voor Muziek en Theater) naast het gemeente-huis op de Kerkstraat. In 1913 ging hij door ziekte op rust.